Klikzink
Wij korten felsbanen op de millimeter af, van 450 tot 8000 mm, precies zoals u ze op de bestelbon aangeeft. Dat is geen loze belofte: onze walsmachines werken op maat en wat wij opgeven, is wat er op de vrachtwagen komt te liggen. Maar die precisie zit in de plaat, niet in het gebouw waar hij op moet. Een dakvlak dat op tekening 6000 mm is, meet in werkelijkheid vaak 5994 of 6008 mm, en dat verschil is niet onze fout en ook niet de uwe. Het is de aard van bouwen. Deze pagina laat zien waar die speling normaal gesproken zit, en hoe u daar in de planning en op de bouwplaats mee omgaat, in plaats van te verwachten dat de plaat het verschil wegwerkt.
Hout zet, metselwerk verspringt een paar millimeter per laag, en een dakconstructie die op papier kaarsrecht is, blijkt in het echt zelden dat te zijn. Bij een nieuwbouwwoning met een dakvlak van ruim zeven meter zagen wij eens twee tegenover elkaar liggende gordingen die over de volle lengte acht millimeter uit elkaar liepen. Niemand had een fout gemaakt: het was de optelsom van kleine speling in elke verbinding onder het dakvlak. Op een schuine gevel met stalen regelwerk speelt vaak iets anders: de regels zelf zijn recht, maar de bevestiging aan de onderconstructie geeft een paar millimeter mee. Bij oudere renovaties, waar de nieuwe felsplaat over een bestaande dakrand moet aansluiten, is de oorspronkelijke maatvoering vaak nooit helemaal haaks geweest. In alle drie de gevallen geldt: de afwijking ontstaat in de constructie, niet in de plaat, en die twee moet u dus niet met elkaar verwarren als u de baan bestelt.
Als u de nominale maat van de tekening één op één doorgeeft en de werkelijke situatie een paar millimeter afwijkt, krijgt u een plaat die net te lang of net te kort is voor de exacte plek waar hij moet liggen. Dat is te voorkomen door vóór het bestellen zelf te meten, niet de tekening te vertrouwen als laatste woord. Bij een dakvlak van enkele meters is dat een kwestie van een paar minuten met de rolmaat op drie of vier punten over de lengte, en het kleinste getal aanhouden als u liever met marge dan met een tekort werkt. Bepaal ook vooraf hoe u de overmaat wilt wegwerken: gaat die in de overlap bij de nok, in de aansluiting op de dakrand, of verdeelt u hem over meerdere banen. Wij lichten dat verder uit bij [de aansluiting op de nok](/felsplaat/toleranties/afkorten-op-de-bouw), waar u ook leest hoe u een baan die net te lang is, op de bouw zelf nog bijwerkt zonder dat de fels beschadigt.
De meest gemaakte fout is een plaat exact op de laatst gemeten maat bestellen, zonder marge. Dat werkt alleen als er tussen het meten en het leggen niets meer verandert, en op een bouwplaats verandert er altijd iets: een tijdelijke stelling die tegen de gording drukt en hem een fractie verschuift, een dakrand die nog niet helemaal is afgetimmerd op het moment van meten, of eenvoudigweg een paar dagen wachttijd waarin de temperatuur wisselt en de onderconstructie licht meebeweegt. Reken daarom liever met een marge van enkele millimeters aan de kant waar u de plaat toch nog moet inkorten of aansluiten, dan met een plaat die precies past op het moment van meten en een paar dagen later net te kort is. Bij een gevelbekleding waar de felsplaat verticaal wordt aangebracht speelt dit sterker dan bij een dakvlak, omdat de gevel vaker een paar millimeter helling of buik heeft die pas zichtbaar wordt zodra de eerste baan tegen de regel wordt gehouden.
Naast de constructie speelt ook het materiaal zelf een rol, al is die kleiner dan vaak wordt gedacht. Onze felsbanen zijn van staal en zetten ongeveer half zoveel uit als een vergelijkbare plaat van zink. Bij een lengte van acht meter en een groot temperatuurverschil tussen levering in de winter en verwerking op een warme dag loopt die uitzetting op tot een paar millimeter over de volle lengte. Dat is te verwaarlozen bij een korte baan van twee meter, maar het telt mee bij de langere maten die wij standaard leveren. Houd er bij het bestellen van lange banen dus rekening mee dat de plaat op de dag van meten en de dag van verwerken niet exact hetzelfde is, vooral als daar een groot temperatuurverschil tussen zit. Hoe u de plaat vervolgens zelf inkort of aanpast op de bouwplaats, met welk gereedschap en met welke voorzorg voor de coating, leest u bij [zagen en knippen](/felsplaat/toleranties/zagen-en-knippen).
De kern van deze pagina is dit: als er ergens een millimeter of wat moet worden gecorrigeerd, hoort dat in de aansluiting te gebeuren, niet in de plaat zelf te worden opgelost door hem in het werk te buigen of te forceren. Een felsplaat die met kracht in een te smalle opening wordt gedrukt, geeft op termijn spanning op de fels en daarmee kans op een lekkende naad, ook als dat de eerste maanden niet te zien is. Werk daarom met een overlap of aansluitdetail dat een paar millimeter speling kan opvangen, zoals een verholen goot aan de dakrand of een overstek bij de daktrim, in plaats van de baan zelf op de nul te laten passen. Bij gevelwerk is het gebruikelijk om de laatste baan in een rij iets breder te houden dan strikt nodig, zodat die baan de speling opvangt en de rest van het vlak recht en gelijk blijft ogen. Hoe die opbouw en volgorde precies werkt, inclusief de klemmen die de plaat vasthouden, is het onderwerp van klikzink.com; daar leest u hoe de bevestiging zelf om moet gaan met een plaat die net iets van de nominale maat afwijkt.
Meet het vlak waar de felsplaat op komt zelf na voordat u de bestelling doorgeeft, en gebruik niet alleen de tekening. Bepaal vooraf waar de eventuele speling wordt opgevangen: in een overlap, een aansluitdetail of de laatste baan van een rij. Bestel liever met een kleine marge dan exact op de laatst gemeten maat, zeker bij lange banen of een langere periode tussen meten en verwerken. Heeft u een lastige maatvoering of een gebouw dat overduidelijk niet haaks is? Stuur ons de tekening; wij denken gratis mee over hoe u de banen het beste indeelt, en u kunt vooraf een monster van elke kleur opvragen om te zien hoe de plaat in het echt aandoet.