Klikzink
Acht meter is de maximale lengte waarin wij een felsbaan op de millimeter afkorten. Wilt u een langer dakvlak of gevelvlak overbruggen, dan komt er ergens een dwarsnaad of een overlap in het vlak. Dat is in de eerste plaats een keuze die het beeld en de waterloop raakt, en die keuze maakt u vóórdat u bestelt. Deze pagina gaat niet over die keuze zelf, dat leest u bij [een baan langer dan acht meter](/felsplaat/langer-dan-acht-meter). Hier gaat het over het gereedschap dat op de bouw moet liggen zodra die keuze gemaakt is en de platen onderweg zijn.
Een baan van vijf meter past op vrijwel elke werkbank en is met de meeste knipgereedschappen goed te hanteren. Bij een baan die tegen de acht meter aan loopt, of bij een aansluiting waar u een stuk moet inkorten om bij een overlap of een dwarsnaad precies uit te komen, telt de lengte mee in de keuze van het gereedschap. Een lange plaat buigt door bij het optillen, verschuift tijdens het snijden als hij niet goed ondersteund is, en een klein beetje trilling aan het ene eind is aan het andere eind van acht meter al een paar millimeter scheef. Het gereedschap dat u kiest, moet dus niet alleen de plaat doorknippen, maar ook recht houden.
Op de bouw ziet u bij ons materiaal meestal twee soorten gereedschap terugkomen: de plaatschaar en de nibbelaar. Een schaar knipt in één beweging en werkt snel bij een rechte lijn over de volle lengte, wat handig is als u een baan van acht meter over de volle breedte moet inkorten voor een overlap. Een nibbelaar werkt met een op-en-neer gaand mesje dat kleine hapjes uit het materiaal neemt, en is prettiger bij een bocht, een inkeping rond een doorvoer, of een lijn die niet haaks op de fels staat. Beide werken koud, zonder de plaat op te warmen, en dat is precies wat u wilt bij een gecoate plaat: geen hitte, geen gesmolten coating langs de snede, geen extra werk aan de snijkant achteraf. Hoe u die snijkant vervolgens afwerkt, staat apart beschreven bij [de snijkant afwerken](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/snijkant-afwerken); hier gaat het er vooral om dat u met de schaar of de nibbelaar al een rechte, koude snede aflevert waar weinig aan te herstellen is.
Bij een lange baan is de keuze tussen schaar en nibbelaar ook een keuze in houding. Een schaar met een lang handvat geeft meer kracht per beweging, prettig als u aan het einde van een dag toch nog een paar platen van acht meter moet passen. Een nibbelaar is lichter in de hand en makkelijker over een lange afstand in een rechte lijn te houden, omdat u de machine meebeweegt in plaats van met kracht doorknipt. Op een steile gevel, waar u niet altijd stevig kunt staan, is dat verschil merkbaar.
Naast het knipgereedschap heeft u een felstang nodig. Die gebruikt u niet om te snijden, maar om de opstaande rand van 35 mm precies te zetten of bij te werken op de plek waar twee platen in de lengte op elkaar aansluiten of waar u een baan ter plaatse inkort. Bij een standaardlengte komt de fels al vanaf de wals mee en heeft u de tang zelden nodig. Bij een baan die u vanwege de lengte in twee stukken verwerkt, of bij een aansluiting op een kopschot, moet de rand op de bouw soms opnieuw gezet worden, en dat doet u met de tang, niet met de nibbelaar of de schaar. Een felstang werkt het materiaal koud, net als de schaar en de nibbelaar, en is dus ook bij vorst te gebruiken; wat dat voor de rest van de verwerking betekent, leest u bij [werken bij vorst](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/bij-vorst).
Een doorslijper of haakse slijper met een doorslijpschijf ligt op veel bouwplaatsen al in de gereedschapskist, maar hoort niet bij dit materiaal. Een slijpschijf warmt de plaat op de snijlijn sterk op. Bij een gecoat, verzinkt product betekent dat: de coating verbrandt of bladdert af precies op de plek waar de plaat het meest blootstaat aan weer en vocht, en het verzinkte laagje daaronder raakt beschadigd door dezelfde hitte. Erger nog, de vonken van het doorslijpen slaan als kleine gloeiende deeltjes over het vlak en branden zich in de coating, ook op plekken ver van de snijlijn. Dat zijn geen krassen die u kunt wegpoetsen, dat zijn beschadigingen in het materiaal zelf, en op een baan van acht meter is de kans dat u zo een groot deel van het vlak beschadigt reëel. Meer over hoe krassen en beschadigingen precies ontstaan en wat daar wel en niet aan te doen is, staat op de pagina over [krassen en beschadigingen](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/krassen). Voor deze pagina is het genoeg te weten: bij een lange baan, waar u toch al kritisch naar de snede moet kijken omdat er verderop een aansluiting of overlap komt, wilt u geen extra herstelwerk aan de rand door een verkeerd stuk gereedschap.
Stel dat u een dakvlak van tien meter aanpakt. U bestelt twee platen die samen de lengte overbruggen, met een overlap of een dwarsnaad ergens in het midden, zoals uitgelegd bij een baan langer dan acht meter. Op de bouw legt u eerst beide platen op een rechte, stevige ondersteuning zodat ze niet doorbuigen; pas dan zet u de schaar of de nibbelaar in om het laatste stuk op maat te knippen. Bij de aansluiting zelf gebruikt u de felstang om de rand precies te zetten, zodat de fels op die plek even strak sluit als op de rest van de baan. Bij deze stap gebruikt u geen doorslijper, geen slijpschijf, en ook geen warme snijmethode: alles blijft koud, van de eerste knip tot de laatste tik met de tang.
Houdt u er bovendien rekening mee dat een lange plaat bij het tillen en verplaatsen makkelijker doorbuigt dan een korte, en dat verkeerd tillen net zo goed vervorming kan geven als verkeerd knippen. Hoe u een lange baan het beste vasthoudt en draagt, leest u apart bij [de plaat tillen en dragen](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/tillen), en wat een verkeerde ondersteuning bij het leggen aan het vlak kan doen, staat bij [vervorming bij het leggen](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/vervorming). Beide onderwerpen raken de keuze van gereedschap zijdelings: goed gereedschap helpt niet als de plaat er onderweg al scheef bij ligt.
Wij leveren de felsbanen op de millimeter afgekort vanaf de wals, tot een lengte van acht meter. Dat betekent dat het knippen op de bouw met schaar of nibbelaar in de praktijk vaak beperkt blijft tot het laatste stuk bij een aansluiting, een doorvoer, of een overlap, en niet tot het afkorten van de volle lengte. Toch is het verstandig om zowel een schaar als een nibbelaar op de bouw te hebben: de een voor de rechte stukken, de ander voor de bochten en inkepingen, en in beide gevallen zonder hitte. Neem de felstang mee zodra u weet dat er een aansluiting in het vlak komt, ook als die pas op de dag zelf duidelijk wordt.
Wilt u weten hoe u die aansluiting in het vlak zelf het beste kiest, of hoe u de plaat op de bouw verder afkort, dan vindt u dat op de pagina's die hierboven al genoemd staan. Voor de coating, de kleur en het uiterlijk van de snijkant kijkt u op zinklook.com; voor de klem, de ondergrond en de volgorde van bevestigen op klikzink.com; voor dakhelling en condens op klikfels.com. Heeft u twijfels over een specifieke aansluiting op uw project, dan denken wij op tekening met u mee, kosteloos, en kunt u ons bereiken via Boylestraat 22 in Ede.