Klikzink
Bij een dakkapel, een luifel of een enkele gevelstrook staat de felsplaat vaak dicht bij het metselwerk. De aannemer legt de plaat, de metselaar werkt door, en tegen het einde van de dag zit er een waas cementwater op de coating, of een spat mortel die is opgedroogd. Bij een groot dak met een eigen dekker en een eigen planning komt dit minder snel voor. Bij kleine hoeveelheden, waar meerdere vakmensen na elkaar op hetzelfde stukje dak of gevel werken, is het bijna onvermijdelijk. Daarom verdient dit onderwerp op zichzelf aandacht.
Cement is alkalisch, en die alkaliteit reageert met de organische coating op de plaat. Zolang cementwater vloeibaar is, richt het weinig aan; het probleem ontstaat zodra het opdroogt en inbrandt op het oppervlak. Hoe langer een cementsluier op de coating blijft zitten, vooral in de zon, hoe hardnekkiger de vlek wordt en hoe groter de kans dat de glansgraad plaatselijk verandert. Onze platen hebben een matte coating met een glansgraad onder de 5, en juist bij een lage glans vallen plekken met verstoorde structuur sneller op dan bij een blinkende plaat. Wij noemen hier geen glans- of kleureffecten in detail, dat is het domein van zinklook.com, maar voor de plaat zelf geldt: cementsluier moet er af voordat hij droogt, niet aan het einde van de bouwweek.
Bij een dak van honderden vierkante meters wordt er vaak gewerkt met een vaste volgorde: eerst de plaat, dan pas het aansluitende metselwerk, met bescherming ertussen. Bij een dakkapel of luifel van een paar vierkante meter is die scheiding er vaak niet. De metselaar staat op de steiger naast de net gelegde plaat, de voeger komt er nog overheen, en de plaat ligt daar de hele dag bij. Wij raden aan om, juist bij dit soort kleine, dicht-op-elkaar geplande klussen, aan het eind van iedere werkdag te controleren of er spatten op de plaat zijn gekomen, in plaats van te wachten tot de plaat helemaal gereed wordt gemeld.
Verse cementspatten en cementwater kunt u meestal met lauw water en een zachte spons of doek wegnemen. Werk van de rand van de vlek naar binnen, zodat u niet meer vuil over een schoon deel van de plaat verspreidt. Gebruik geen staalwol, schuurspons of ander middel met een schurende werking: dat tast de coating zichtbaar aan, ook als de vlek zelf verdwijnt. Is de sluier al enigszins opgedroogd, dan helpt het om de plek eerst te laten weken met een vochtige doek voordat u gaat schoonmaken, zodat u niet hoeft te wrijven.
Voor cementsluier die al is uitgehard, is water vaak niet meer genoeg. Er bestaan reinigingsmiddelen die specifiek bedoeld zijn voor cementresten op gecoat staal; controleer bij twijfel eerst op een onopvallend stukje plaat, bijvoorbeeld een reststrook of de rand die straks onder de daktrim verdwijnt, of het middel de coating niet aantast of doft. Sterke zuren, zoals zoutzuur dat soms wordt gebruikt om cementsluier van metselwerk te halen, horen niet op de felsplaat: ze tasten de coating direct aan. Dat lijkt een open deur, maar op een kleine bouwplaats staat de emmer zoutzuur voor het metselwerk vaak op een meter afstand van de net gelegde plaat, en een spetter is snel gemaakt.
Boorstof, dat vaak samen met cementsluier op deze pagina's terechtkomt omdat het bij dezelfde afbouwfase hoort, is van een andere aard. Boorstof van metselwerk of beton is meestal droog en laat zich met een droge doek of een zachte borstel wegvegen, mits u dat doet voordat het vocht heeft aangetrokken en is gaan plakken. Vochtig boorstof gedraagt zich als een schurend papje en moet u dus niet met kracht wegvegen, maar eerst voorzichtig met water losweken. Wie in de plaat zelf gaten moet boren voor bijvoorbeeld een doorvoer, vindt de aanpak daarvoor op de pagina over [boren in de plaat](/felsplaat/kleine-hoeveelheden/boren); hier gaat het om stof dat van elders op de plaat terechtkomt.
Bij een groot dakvlak wordt er vaak met bouwfolie of afdekmateriaal gewerkt om de plaat te beschermen tegen het overige bouwverkeer, en is er tijd en budget om dat consequent te doen. Bij een kleine hoeveelheid, een dakkapel van twee bij drie meter of een gevelstrook van twintig meter, wordt die bescherming nogal eens overgeslagen: het voelt niet in verhouding om voor zo'n klein oppervlak eerst een hele afdekconstructie op te bouwen. Het gevolg is dat de plaat vaker onbeschermd in de buurt van metselwerk, voegwerk of andere natte werkzaamheden ligt.
Onze platen komen met een beschermfolie vanaf de fabriek, en die folie beschermt tegen lichte spatten tijdens transport en montage. Zij is niet bedoeld om dagenlang cementwater tegen te houden: folie laat op termijn vocht door, en cementwater dat onder de folie trekt, is moeilijker te zien en dus moeilijker op tijd weg te halen. Wat de folie precies wel en niet aankan, en wanneer u hem verwijdert, leest u op de pagina over [de beschermfolie](/felsplaat/kleine-hoeveelheden/beschermfolie). Bij een kleine hoeveelheid felsplaat is het daarom vaak verstandiger om de folie er pas af te halen nadat het aangrenzende metsel- en voegwerk klaar is, in plaats van meteen na het leggen, juist omdat de plaat dan nog een tijd in de buurt van nat werk ligt.
Een tweede verschil bij kleine hoeveelheden is de afstand tot het werk. Bij een groot dak ligt een deel van de plaat simpelweg buiten bereik van de metselaar of voeger; bij een dakkapel of luifel ligt vrijwel de hele plaat binnen een armlengte van het aangrenzende metselwerk. Dat betekent dat controle op vuil en cementsluier bij een kleine hoeveelheid eigenlijk dagelijks moet gebeuren, terwijl dat bij een groot dak vaker aan het einde van een bouwfase gebeurt. Wie de plaat pas ophaalt of oplevert nadat het steigerwerk al weg is, ontdekt cementsluier soms pas als hij al is ingebrand.
Onze platen worden op maat gewalst en afgekort tot op de millimeter, van 450 tot 8000 millimeter, en dat geldt evengoed voor een bestelling van tien meter als voor een compleet dak. Heeft u vragen over hoe een bepaalde vlakuitvoering, vlak, met verstijvingsril of met micro-lines, zich verhoudt tot vlekken en reiniging, dan denken wij daar kosteloos in mee op basis van uw tekening. Voor kleuradvies of vragen over hoe een lichte glansverandering optisch werkt op een klein vlak, verwijzen wij u naar zinklook.com; voor vragen over de bevestiging en de volgorde van werken op de bouwplaats naar klikzink.com.
Merkt u dat een cementvlek niet met water en een zachte doek weggaat, wacht dan niet af hoe erg het wordt. Neem contact met ons op via Boylestraat 22 in Ede: wij denken mee over de juiste aanpak, en als het nodig blijkt, over vervanging van het betreffende stuk plaat. Voor de andere aandachtspunten die spelen bij een kleine hoeveelheid felsplaat, van tillen tot werken bij vorst, vindt u een volledig overzicht op de [pagina over kleine hoeveelheden](/felsplaat/kleine-hoeveelheden).