Klikzink
Een beschadigde felsplaat is niet automatisch een probleem van één partij. Er zijn drie mogelijke handen aan het werk: de fabrikant, de dakdekker die de plaat gelegd heeft, en de opdrachtgever die het gebouw beheert. Wie welk deel doet, hangt af van het moment waarop de schade ontstaat en van wat er precies aan de plaat mankeert. Op deze pagina leggen we uit wat wij als Klikzink voor onze rekening nemen, wat wij aan de dakdekker overlaten, en wat u zelf zult moeten regelen, ook al staat dat niet altijd op het bonnetje.
Onze rol begint en eindigt bij de plaat, niet bij het dak. Wij walsen, coaten en leveren de felsbanen op maat, en als er bij aflevering iets mis is met een baan, een gedeukte rand, een coating die niet gelijk uitgehard is, dan lossen wij dat op voordat de plaat de deur uit gaat of direct daarna in overleg met de dakdekker. Dat is controle op het eindproduct, geen bijwerken op de bouw. Als een aannemer ons vraagt om reparatielak, leveren we die, in de kleur die bij de bestelling hoort. Meer dan dat doen we niet zelf: wij komen niet op het dak om een kras bij te werken, en we sturen ook niemand om een montagerand op locatie te herstellen. Dat werk hoort bij de partij die de plaat gemonteerd heeft.
Waar wij wel verder in gaan, is meedenken vooraf. Een tekening met een lastige aansluiting of een gevel met veel felslijnen bekijken we zonder kosten, juist omdat een verkeerd afgekorte plaat achteraf altijd meer werk is dan een goed doordachte bestelling vooraf. Dat scheelt reparaties die anders nodig zouden zijn geweest.
De dakdekker is degene die op het dak of tegen de gevel staat, en dus ook degene die de meeste schade zowel veroorzaakt als herstelt. Een voetstap die een deuk in het vlak drukt, een val van een gereedschapskist, een verkeerd gezette klem die de fels beschadigt: dat zijn zaken die tijdens de uitvoering ontstaan en die de dakdekker zelf moet corrigeren voordat het werk wordt opgeleverd. Een ervaren ploeg heeft daar een vaste werkwijze voor: lopen op de daarvoor bedoelde plekken, platen beschermen tijdens de opslag, en bij twijfel een paneel vervangen in plaats van bijwerken.
Bijwerken met lak is voor de dakdekker vooral aan de orde bij kleine, oppervlakkige beschadigingen die de coating raken maar het staal niet blootleggen tot op het punt van corrosiegevaar. Een fijne kras van een voorbijgereden ladder, een lichte schuurplek: daar kan een dun laagje reparatielak verkleuring en aantasting voorkomen. Maar zodra de coating écht is doorgesneden en het onderliggende zink zichtbaar is, is lak alleen nog een pleister op de plek waar iemand straks toch weer moet kijken. De dakdekker die dat verschil niet ziet of negeert, werkt onzichtbaar wat zichtbaar hoort te blijven totdat het goed is opgelost, en dat is precies waar wij in onze algemene pagina over [bijwerken en herstellen](/felsplaat/bijwerken) verder op ingaan.
Als het gebouw eenmaal is opgeleverd, verschuift de verantwoordelijkheid. Onderhoud tijdens de gebruiksfase, denk aan een tak die tijdens een storm over het dak schuurt, een ladder die tegen de gevel is gezet voor een dakraam elders, of gewoon slijtage door de jaren, is voor de opdrachtgever of de beheerder van het gebouw. Wij en de dakdekker zijn dan niet meer automatisch aan zet; iemand moet het zien, iemand moet beslissen of het de moeite waard is om aan te pakken, en iemand moet een vakman bellen die het uitvoert. In de praktijk is dat vaak dezelfde dakdekker die het dak gelegd heeft, maar formeel is dat een nieuwe opdracht, geen garantiewerk.
Een opdrachtgever die zelf met een kwastje aan de slag gaat, moet één ding goed beseffen: op een mat oppervlak is bijwerken zichtbaar werk. Het gaat niet om het overschilderen van een gladde, glanzende plaat waarbij een likje lak vrijwel opgaat in de omgeving. GreenCoat Pural BT heeft een glansgraad onder de 5, en juist die matheid maakt elke onregelmatigheid in de lak, een net iets andere dikte, een randje dat net iets glimt, goed zichtbaar bij laag invallend licht. Wie dat verwacht op te lossen met een verfpotje uit de bouwmarkt, komt bedrogen uit. Voor de precieze kleurbeleving en hoe een oppervlak in het echt overkomt, verwijzen we naar zinklook.com; hier gaat het er vooral om dat u weet dat bijwerken altijd een zichtbare ingreep blijft, hoe zorgvuldig ook uitgevoerd.
De vraag die opdrachtgevers ons het vaakst stellen, is of een beschadiging met lak is te verhelpen of dat er iets vervangen moet worden. Het antwoord hangt af van wat er precies beschadigd is. Reparatielak heeft zin wanneer het gaat om de bovenste coatinglaag: een oppervlakkige kras, een lichte schuring, iets dat de bescherming van het staal aantast maar het metaal zelf nog niet heeft blootgelegd tot op de verzinkte laag. Op zo'n plek voorkomt bijwerken dat vocht en zuurstof grip krijgen op het materiaal, en dat is precies waarom we in onze pagina over [wat er misgaat](/felsplaat/bijwerken/wat-gaat-er-mis) uitleggen welke schadebeelden dat betreft.
Lak heeft geen zin, en is soms zelfs misleidend, wanneer de schade dieper gaat: een deuk waarbij het materiaal vervormd is, een scheur in de plaat, of een beschadiging die tot op het staal doorloopt en waar corrosie al zichtbaar is. In die gevallen maakt een laagje lak het probleem alleen onzichtbaar voor het oog, niet weg voor het materiaal. Onder de lak gaat het roesten door, en over een paar jaar komt de plek er weer doorheen, vaak lelijker dan hij begon. Dat is het moment waarop vervanging van het paneel de enige verstandige keuze is, ook als dat meer werk en meer materiaal kost dan een kwastje lak.
Voor een aannemer die twijfelt of een reparatie op de bouw nog verantwoord is of dat vervanging beter is, hebben we een apart overzicht gemaakt met de situaties waarin bijwerken beter niet gebeurt; dat sluit aan op wat hier beschreven staat en gaat verder de diepte in.
In de praktijk ligt de beslissing meestal bij de dakdekker die de schade als eerste signaleert, in overleg met de opdrachtgever als het om een zichtbaar deel van het gebouw gaat, bijvoorbeeld een gevel op ooghoogte in plaats van een dakvlak dat niemand van de straat ziet. Bij twijfel over de kleur of het effect van bijwerken op de uitstraling van het gebouw is zinklook.com de plek om verder te kijken. Bij twijfel over de bevestiging, bijvoorbeeld als een klem is losgekomen en dat de aanleiding is voor de schade, is klikzink.com de aangewezen bron. Wij komen in beeld zodra de vraag is of het materiaal zelf, de plaatdikte, de coating of de manier van verzinken, nog aan de oorspronkelijke specificatie voldoet. Dat is zelden het geval bij normale slijtage, en vaker een kwestie van verkeerde verwerking dan van een gebrek in de plaat.
Als u een beschadiging op een dak of gevel met onze felsplaten heeft geconstateerd, is de eerste stap altijd: vaststellen hoe diep de schade gaat. Raakt het alleen de coating, dan is bijwerken met de juiste lak vaak voldoende en kan de dakdekker die het dak gelegd heeft dat meestal zelf uitvoeren. Gaat het verder, tot op het staal of met vervorming van het paneel, dan is vervanging aan de orde en is het zaak om bij ons de juiste maat en kleur na te bestellen. Neem in dat geval contact met ons op via Boylestraat 22 in Ede; wij denken kosteloos mee over de juiste maatvoering, en we kunnen u een monster van de kleur meegeven zodat u zelf kunt beoordelen of bijwerken op uw dak het gewenste resultaat geeft.