Klikzink
Een deuk in het vlakke deel van een felsbaan komt er niet meer uit. Dat is de kern van waarom vervorming bij het leggen niet iets is dat u er even bij doet, maar iets dat vooraf tijd vraagt: tijd om na te denken over looproutes, tijd om loopplanken te leggen, en tijd om ploegen die gehaast zijn erop te wijzen dat een stap op de verkeerde plek niet ongedaan te maken is. Die tijd is wisselend, en hangt af van de plaat, de uitvoering en de ploeg. Hier leggen we uit waar de tijd werkelijk in zit.
Hoelang het kost hangt allereerst af van welke uitvoering u legt. Een plaat met verstijvingsril of met micro-lines is minder gevoelig voor een lokale indruk dan een volledig vlakke plaat, simpelweg omdat het reliëf de plaat verstijft. Bij een vlakke uitvoering van 0,55 mm dikte is elke stap buiten de fels een risico, en dat betekent dat de ploeg voortdurend moet nadenken over waar de voeten komen. Die extra aandacht kost geen extra dagen, maar wel minuten per baan: even kijken voor u een stap zet, in plaats van doorlopen. Op een dak van enige omvang telt dat op.
Het grootste deel van de tijd gaat niet zitten in het lopen zelf, maar in het klaarzetten van looproutes voordat er een voet op de plaat komt. Een loopplank die over twee of drie felsen tegelijk het gewicht verdeelt, is binnen een paar minuten neergelegd, maar die minuten moet iemand wel nemen voordat het werk begint, niet onderweg. Op een baan van acht meter is dat een ander verhaal dan op een baan van vijf meter: hoe langer de plaat, hoe meer sturing nodig is over waar de plank ligt en waar niet. Wij leveren de banen daarom op maat aan, van 450 tot 8000 mm op de millimeter afgekort, zodat u niet met resten of overspanningen zit die vragen om improvisatie met loopplanken op plekken waar u ze niet had gepland.
De fels zelf, de haaks opstaande rand van 35 mm, is de enige plek waar een voet zonder loopplank mag komen. Die rand is stijf genoeg om lokale belasting op te vangen zonder te vervormen, terwijl het vlakke deel ertussen, de werkende breedte van 475 mm, bij puntbelasting een blijvende deuk krijgt. Dat verschil bepaalt in de praktijk de looproute: van fels naar fels, nooit midden op de baan. Een ploeg die dat gewend is, verliest daar nauwelijks tijd aan, omdat het lopen langs de felsen net zo snel gaat als er dwars overheen lopen. Een ploeg die het niet gewend is, verliest juist tijd, omdat elke stap eerst wordt overdacht.
Een loopplank scheelt op twee manieren tijd, en die twee manieren zijn niet gelijk. Ten eerste scheelt hij tijd bij het werk zelf: met een plank die het gewicht over meerdere felsen verdeelt, kunt u sneller en met minder aarzeling over het dak bewegen dan wanneer u van fels naar fels moet balanceren. Ten tweede, en dat weegt zwaarder, scheelt hij de tijd die u anders kwijt bent aan het repareren of vervangen van een beschadigde baan. Die tweede besparing is niet in minuten uit te drukken, want een deuk in het vlak betekent een nieuwe plaat bestellen en een deel van het werk overdoen. Op het moment dat dat gebeurt, is de tijd die de loopplank had gekost allang terugbetaald.
Weersomstandigheden beïnvloeden hoelang voorzichtig werken duurt, zonder dat de plaat zelf daardoor gevoeliger wordt voor vervorming. Bij temperaturen tot -15 graden blijft de plaat koud vouwbaar, dus kou is geen reden om anders met de plaat om te gaan. Wat wel meespeelt is dat een gladde, natte of berijpte plaat sneller uitglijden veroorzaakt, en dat een ploeg dan van nature trager en voorzichtiger beweegt. Die voorzichtigheid kost tijd, maar is geen eigenschap van het materiaal; het is een reactie op de omstandigheden waarin gewerkt wordt.
De tijd die vervorming voorkomt schaalt niet lineair met de oppervlakte, maar met het aantal keren dat een ploeg van route moet wisselen. Op een rechttoe rechtaan vlak dak met lange, ononderbroken banen is een looproute snel gepland en blijft hij de hele dag hetzelfde. Op een dak met veel doorsneden, hoeken of aansluitingen, zoals wij uitleggen bij [de aansluiting op de nok](/felsplaat/vervorming/wat-gaat-er-mis), moet die route vaker worden aangepast, en dat kost meer tijd dan de oppervlakte op het eerste gezicht doet vermoeden. Wie voor het werk begint een schatting maakt van het aantal van dit soort punten, schat de tijd voor de hele klus beter dan wie alleen naar de vierkante meters kijkt.
Het gewicht van de plaat, ongeveer 5 kg per vierkante meter, speelt in de praktijk een kleinere rol dan vaak wordt gedacht bij het bepalen van looproutes. Het is niet het gewicht van de plaat dat vervorming veroorzaakt, maar de puntbelasting van een voet of een stuk gereedschap op een klein oppervlak. Datzelfde principe geldt voor materiaal dat tijdens het werk op het dak wordt neergelegd: een bundel platen die plat op het vlak rust, verdeelt het gewicht, terwijl dezelfde bundel op een punt neergezet een deuk kan achterlaten. De tijd die het kost om daar bewust mee om te gaan, is minimaal als de ploeg het gewend is, en aanzienlijk als dat niet zo is.
Voor de planning van een klus is het nuttiger om te denken in het aantal ploegleden en hun ervaring dan in een vast aantal uren voor vervorming voorkomen. Een ervaren ploeg bouwt de voorzichtigheid in het gewone werktempo in, zodat er geen apart tijdsblok voor nodig is. Een minder ervaren ploeg, of een ploeg die voor het eerst met deze platen werkt, heeft baat bij een korte instructie vooraf en een paar extra loopplanken, en dat is een kwestie van een kwartier, niet van een dag. Wat de instructie moet behandelen en wie daarvoor verantwoordelijk is, leggen wij uit bij [wie het doet](/felsplaat/vervorming/wie-doet-het).
De tijd die vervorming voorkomen kost, hangt dus vooral af van drie dingen: de uitvoering van de plaat, de vorm van het dak, en de ervaring van de ploeg. Geen van de drie is in een vast aantal uren te vangen, en een kennisbank die daar een getal aan zou hangen, zou u een schijnzekerheid geven. Wat wel vaststaat, is dat de tijd die u vooraf besteedt aan het plannen van looproutes en het klaarzetten van loopplanken, altijd kleiner is dan de tijd die een vervangen baan achteraf kost.
Wilt u voor uw project een inschatting van de looproutes en het aantal loopplanken dat nodig is, stuur ons dan uw tekening. Meedenken op tekening kost niets, en met de maten van uw platen, tot op de millimeter afgekort, kunnen wij meteen aangeven waar de aandacht naar uit moet gaan.