Klikzink
Onze felsbanen komen op de millimeter afgekort op de bouw aan. U geeft de maat op, wij walsen de baan op lengte, en er is in de normale gang van zaken geen reden om op het dak of aan de gevel nog iets van de lengte af te halen. Toch gebeurt het: een maat is verkeerd doorgegeven, een aansluiting op een doorvoer valt anders uit dan getekend, of er is één restbaan nodig die net iets korter mag dan de baan die nog in het pak ligt. In die gevallen moet er wel degelijk een stuk vanaf, en dan is het van belang dat u weet waarmee dat wel kan en waarmee niet.
Een felsbaan bestaat uit staal van 0,55 mm, verzinkt en daarna gecoat met een laag van 50 micrometer. Die opbouw is dun genoeg om koud te vouwen, maar dat betekent niet dat u er met elk stuk gereedschap doorheen mag. Wat op de snijkant gebeurt als u de plaat inkort, is een apart onderwerp dat we uitgebreid behandelen bij [de snijkant afwerken](/felsplaat/verpakking/snijkant-afwerken); hier gaat het vooral om de vraag wanneer afkorten op de bouw eigenlijk aan de orde is, en wat de verpakking daarmee te maken heeft.
De reden dat we platen op de millimeter afkorten voordat ze de fabriek verlaten, is dat een rechte, schone afkorting het beste met een guillotineschaar of een lintzaag gebeurt, op een vlakke ondergrond, zonder trilling en zonder dat de rest van de baan meebeweegt. Op de bouw heeft u die omstandigheden niet. Een baan van vier of vijf meter ligt op bokken of op de gording, hij buigt door onder zijn eigen gewicht zodra u er met een schaar in begint, en de snede loopt dan al snel niet meer recht. Voor de meeste projecten is dat precies de reden om vooraf een goede maatvoering te maken en de bestelling daarop te baseren, in plaats van te rekenen op bijwerken achteraf.
Toch blijft er altijd een praktijksituatie over waarin het net niet past. Denk aan een dakkapel die pas na het inmeten van de felsbanen definitief gepositioneerd wordt, of aan een gootrand die door een tweede aannemer twee centimeter anders is uitgevoerd dan op de tekening stond. In die gevallen is afkorten op de bouw geen fout, maar een noodzaak, en dan is het zaak het goed te doen.
Het verschil tussen goed en fout gereedschap zit in de manier waarop het materiaal wordt doorgesneden. Een knabbelschaar, een plaatschaar of een goede handschaar knippen het staal, de zinklaag en de coating in één beweging door zonder ze op te warmen. De snijkant is daarna smal, en al is hij niet meer beschermd, hij is klein genoeg om te behandelen zoals wij beschrijven bij het bijwerken van een snede.
Een doorslijpschijf of een haakse slijper werkt anders. Die schuurt zich met hoge snelheid door het materiaal en brengt daarbij op een paar millimeter van de snede zoveel warmte in dat de coating verbrandt en de zinklaag lokaal wegsmelt. Het resultaat is een zoom langs de hele snijkant waar geen bescherming meer zit, ver buiten het stukje dat u met een randje verf zou kunnen bijwerken. Daarnaast slingert een slijpschijf gloeiende deeltjes staal over de rest van het pak. Die deeltjes blijven op naburige platen liggen, roesten daar vast en laten puntjes na die u nooit meer wegkrijgt. Eén moment van slijpen op de bouw kan zo niet alleen de afgekorte baan, maar ook een stapel ongebruikte platen beschadigen.
De banen komen op de bouw aan in een pak, met folie erover en tussenlagen tussen de platen om ze tijdens transport uit elkaar te houden. Zolang het pak dicht is, is dat de veiligste plek om een baan te bewaren tot hij gelegd wordt: geen stof, geen vocht, geen contact met andere materialen op de bouwplaats. Zodra u een baan uit het pak trekt om hem af te korten, is die bescherming weg voor precies dat exemplaar, en voor de platen die eronder of erboven liggen als het pak open blijft liggen.
Daarom is de plek waar u afkort net zo belangrijk als het gereedschap. Trek de baan die u nodig heeft eruit, leg het pak weer dicht, en voer het afkorten uit op een schone, vlakke ondergrond naast de stapel, niet erboven. Een vlonder van steigerplanken of een paar bokken met een rechte lat erover is voldoende. Zo voorkomt u dat afvalstukjes staal, viltstift van het uitmeten of gruis van de schaar op de folie van het pak terechtkomen en daar bij de volgende regen inwerken.
Het is ook de reden dat wij afraden om een pak alvast open te maken voordat u weet welke baan u precies nodig heeft. Een pak dat een dag open ligt om alvast te kunnen meten en zo nodig af te korten, is een pak waarvan de onderste platen niet meer beschermd zijn tegen wat er op een bouwplaats in de lucht hangt. Werk liever met de maatvoering die u al heeft, en trek pas de baan die u nodig heeft uit het pak op het moment dat u hem ook gaat leggen of afkorten.
Afkorten met een schaar verandert niets aan de eigenschappen van de plaat zelf. Het staal blijft koud vouwbaar tot -15 graden, het gewicht van ongeveer 5 kg per m2 verandert niet mee met de lengte die u eraf haalt, en de fels aan de zijkant van de baan blijft intact zolang u niet in de fels zelf knipt. Hoe die fels vervolgens vastgeklemd wordt en in welke volgorde de banen op het dak of de gevel gelegd worden, is een vraag over de bevestiging, en die behandelen we niet hier maar bij [de bevestiging en de volgorde op de bouw](https://klikzink.com). Of de plaat op de plek waar u hem legt eigenlijk wel geschikt is gezien de dakhelling en de opbouw daaronder, staat beschreven op klikfels.com.
Controleer bij twijfel over een maat eerst of een nieuwe bestelling op de juiste lengte niet sneller en schoner is dan bijknippen op de bouw; wij korten desgevraagd op de millimeter af en denken kosteloos mee als u een tekening aanlevert. Is afkorten ter plekke toch nodig, gebruik dan een schaar die knipt en geen schijf die slijpt, doe het naast het pak in plaats van erboven, en sluit het pak meteen weer met de folie terug zodra u de baan die u nodig had eruit heeft gehaald.