Klikzink

Koud vouwen en kanten bij een baan langer dan acht meter

Onze felsbanen zijn koud vouwbaar tot -15 graden. Dat betekent dat u op de bouwplaats kunt kanten en vouwen zonder de plaat op te warmen, ook op een koude ochtend in januari. Dat is prettig, want een gasbrander of föhn erbij halen om het staal soepel te krijgen is bij dit materiaal niet nodig. Maar koud vouwbaar is geen vrijbrief om overal even scherp te zetten: de coating van 50 micrometer gaat mee in de vouw, en die coating heeft een grens.

Die grens is de kleinste straal die u kunt maken zonder dat de coating aan de buitenkant van de vouw gaat scheuren. Bij een rechte hoek van negentig graden, zoals bij een opstaande kant langs een dakrand, is dat met dit materiaal goed te doen zonder haarscheurtjes. Bij een scherpere vouw, bijvoorbeeld wanneer u de plaat over een gording terugzet in bijna 180 graden, wordt de buitenzijde van de coating flink gerekt. Zet die vouw met een te kleine straal, dus te abrupt en te scherp, dan zie je op de rand van de vouw een dof, wit lijntje ontstaan. Dat is de coating die lokaal is gescheurd. Het staal zelf is dan nog heel, maar de bescherming ertegen is op die paar millimeter weg, en precies daar zet vocht het eerst zijn tanden in.

Bij vorst verandert er iets in hoe het materiaal zich gedraagt, ook al blijft het koud vouwbaar tot -15 graden. Staal wordt bij lage temperatuur iets stugger, en de coating iets minder soepel dan op een lentedag. Zet u dezelfde vouw in precies hetzelfde gereedschap, dan vraagt het meer kracht en meer aandacht om diezelfde ruime straal aan te houden. Ga te snel, met een klap van de hamer of een te vlugge slag met de plooibank, dan is de kans op dat witte lijntje bij vorst groter dan bij twintig graden. Vandaar dat we aanraden om bij vorst langzamer te vouwen: in kleinere stappen, met meer tussentikken in plaats van één harde slag, zodat het materiaal de tijd krijgt om mee te geven in plaats van te scheuren. Wat dat voor uw planning op een vorstdag betekent, staat verder uitgewerkt op de pagina over [werken bij vorst](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/bij-vorst).

Acht meter is de langste lengte waarin wij een felsbaan op de millimeter afkorten. Dat is geen willekeurige grens: het is de lengte waarbij transport, tillen op de steiger en het aanbrengen op het dak nog goed te doen zijn met een baan in één stuk. Vraagt uw project om een dakvlak dat langer is dan die acht meter, dan ontstaat er automatisch een keuze die niets met vouwen te maken heeft, maar wel met het beeld en met de waterloop: u kiest voor een dwarsnaad, waar twee banen elkaar in de lengte van het dak ontmoeten, of voor een overlap, waar de ene baan een stuk over de andere heen ligt. Wat die keuze inhoudt en hoe u hem op tekening voorbereidt, leest u op de pagina over [een baan langer dan acht meter](/felsplaat/langer-dan-acht-meter).

De combinatie van die twee onderwerpen, dwarsnaad en vouwen, komt samen op een knik in het dakvlak die net voor of net na die naad valt. Stel dat u een lengte van elf meter moet overbruggen en het dakvlak halverwege een knik heeft, dan bepaalt u eerst waar de naad komt en dan pas waar u vouwt, of andersom, en dat heeft gevolgen voor hoeveel materiaal er aan weerszijden van de vouw overblijft om goed te kunnen zetten. Een vouw te dicht bij een dwarsnaad geeft weinig ruimte om de plaat goed in de bank te leggen, en dan is de kans op een te scherpe straal, en dus op die scheurende coating, groter dan wanneer de vouw een stuk van de naad af ligt.

Hoe u de vouw precies zet, met welk gereedschap en in welke volgorde ten opzichte van de rest van de bewerkingen op de baan, hangt af van waar de knik in uw dakvlak zit en van wat er nog aan de plaat moet gebeuren voordat hij omhoog gaat. Verwijst uw werktekening naar afkorten op maat op de bouwplaats zelf, dan is het verstandig om eerst te kijken naar de pagina over [de plaat afkorten op de bouw](/felsplaat/langer-dan-acht-meter/afkorten-op-de-bouw), zodat de volgorde van zagen, kanten en vouwen logisch op elkaar aansluit en u niet een vouw zet in een baan die daarna nog ingekort moet worden.

Een praktijkvoorbeeld maakt het verschil tussen negentig graden en een scherpere vouw duidelijk. Bij een gootrand die u simpelweg negentig graden omzet voor de druiplijn, ondervindt de coating relatief weinig rek: de straal die daarbij ontstaat is ruim genoeg om zonder risico koud te zetten, ook bij een paar graden onder nul. Bij een aansluiting waarbij de plaat teruggevouwen wordt in een dubbele felsrand, waarbij het materiaal bijna helemaal op zichzelf terugklapt, is de straal veel kleiner en de rek op de buitenkant van de coating veel groter. Dat laatste type vouw vraagt om rustiger werken, om een geleidelijke slag in plaats van één harde tik, en om extra aandacht bij vorst.

Wat u ziet als de coating tóch scheurt, is meestal subtiel: geen afbladderende verf, maar een fijn, wit lijntje precies op de buitenste bocht van de vouw. Het is de moeite waard om na het zetten van een scherpe vouw daar even naar te kijken voordat de baan omhoog gaat, want een gescheurde coating op een zichtbare gevelhoek is achteraf niet meer te verbergen zonder het uiterlijk van de plaat aan te tasten, en over dat uiterlijk, de kleur en de glans van de coating, leest u meer op zinklook.com.

Onze felsbanen zetten bovendien ongeveer half zoveel uit door temperatuur als zink, wat meespeelt bij een lange baan die na het vouwen nog een tijd op het dak ligt te wachten voordat hij vastgeklemd wordt. Bij een baan van acht meter, gezet in de vroege ochtend bij vorst en pas 's middags in de klem gelegd wanneer de zon erop heeft gestaan, is die beperkte uitzetting een geruststelling: de vouw die 's ochtends koud en nauwkeurig gezet is, blijft ook 's middags op maat liggen. Hoe die klemming er precies uitziet en in welke volgorde u de baan op de ondergrond bevestigt, is het onderwerp van klikzink.com.

Samengevat: zet een ruime straal in de vouw, werk rustiger naarmate het kouder wordt, en bedenk bij een dakvlak boven de acht meter dat de plaats van de dwarsnaad of overlap mede bepaalt hoeveel ruimte u overhoudt om die vouw goed te zetten. Twijfelt u over de juiste volgorde van zagen, kanten en vouwen bij uw project, dan denken wij daar op tekening kosteloos in mee. Neem contact op met Klikzink aan de Boylestraat 22 in Ede, of vraag naar voren waar in uw dakvlak de vouw en de naad het beste kunnen samenkomen.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink