Klikzink

Felsplaat: hoe lang gaat de plaat mee

Wie ons belt met de vraag hoelang een felsplaat meegaat, krijgt van ons meestal een tegenvraag: wat gebeurt er onderweg met de rand van de plaat? Dat klinkt misschien als een omweg, maar het is precies waar de levensduur op onze productielijn en op de bouwplaats uit elkaar gaan lopen. De plaat die hier vandaan gaat, is opgebouwd uit een kern van Sendzimir verzinkt staal met 275 gram zink per vierkante meter aan beide zijden, afgedekt met vijftig micrometer GreenCoat Pural BT. Die opbouw is overal op de plaat exact hetzelfde: op het vlak, bij de fels, aan het begin en aan het eind van de baan. Maar zodra iemand die baan doorknipt, doorslijpt of beschadigt, is die gelijkheid voorbij. Op die plek ligt het staal open, of ligt de coating dunner dan hij ooit bedoeld was. En dat is, meer dan de dikte van de laag zelf, waar de klok voor de levensduur opnieuw gaat lopen.

Zink en coating werken namelijk niet als een jas die je aan- of uittrekt, maar als een laag die zichzelf langzaam opoffert. De zinklaag corrodeert liever dan het staal daaronder, en beschermt zo de plaat zolang er zink is om te corroderen. De coating ligt daar als een vrijwel ondoordringbare huid boven op. Zolang die huid dicht is, komt er nauwelijks vocht en zuurstof bij het zink, en gaat het heel langzaam. Maar op een snijkant, een slijpkant of een diepe kras is die huid open, en ligt het zink direct aan de lucht. Daar gaat het sneller, en op een hoekje dat helemaal tot op het staal is beschadigd, gaat het nog sneller dan dat.

Waar de tijd in de bouwperiode werkelijk in zit, is dus niet in het bestellen of het leveren. Onze walsmachines leveren de baan op de millimeter af, van 450 tot 8000 millimeter, en die maat verandert onderweg niet meer. De tijd die ertoe doet, gaat zitten in wat er op de steiger met die rand gebeurt: hoe hij wordt afgekort, of de snijkant wordt afgewerkt, en of vuil en cementsluier op tijd worden weggehaald. Op een garage met een paar simpele baanlengtes speelt dat nauwelijks: daar is bijna niets in te korten en blijft de rand zoals wij hem afleveren. Op een lang bedrijfsdak met dakdoorvoeren, hoeken en aansluitingen op gevelbeplating ligt dat anders. Daar wordt op de bouw ingekort, gezaagd, en soms provisorisch bijgewerkt, en elke van die handelingen is een moment waarop de bescherming van de plaat lokaal kan verzwakken.

Een voorbeeld dat we vaak zien: een aannemer werkt een dakrand af rond een schoorsteen die niet op de tekening stond. Hij knipt een stuk van de baan bij, past het, en heeft geen tijd meer om de snijkant nog te behandelen voor de volgende regenbui komt. Op zichzelf is dat geen ramp: een enkele onbehandelde snijkant op een groot dak vormt geen probleem voor het geheel. Maar als dat op tien plekken gebeurt, en die tien plekken staan allemaal op de plek waar water het langst blijft staan, dan is dat precies waar we tien jaar later een klacht over krijgen. Niet omdat het materiaal het niet aankon, maar omdat de rand nooit de kans heeft gekregen om te doen wat hij moest doen.

Daarom raden we aan om afgekorte randen zo snel mogelijk na het knippen te ontdoen van slijpsel en cementstof, en waar dat kan de rand droog te houden tot de plaat definitief ligt. Wij gaan hier niet in op welk gereedschap daarvoor het handigst is of hoe u een snijkant precies afwerkt, want dat hebben we uitgebreid behandeld op de pagina's over het bepalen van de baanlengte. Wat wij hier willen laten zien, is waarom die stap meer met de levensduur te maken heeft dan de kwaliteit van de plaat zelf.

Ondergrond en bevestiging spelen op dit punt ook een rol, al gaan we daar hier niet verder op in: wie wil weten hoe de klem onder de fels precies grip houdt en welke ondergrond daarbij past, verwijzen we naar klikzink.com. Wat wij op deze plaats willen vasthouden, is dat de klem zelf de plaat niet doorboort. Blinde bevestiging onder de fels betekent dat er geen schroefgaten in het vlak zitten die op hun beurt weer een eigen zwakke plek zouden vormen. Dat is winst voor de levensduur die niets met de coating te maken heeft, maar met hoe de plaat wordt vastgezet.

Een ander punt waar de tijd in de uitvoering zit, is de koude. Onze platen zijn koud vouwbaar tot -15 graden, wat betekent dat een winterse werkdag op de bouw op zich geen reden is om voorzichtiger te zijn met de plaat dan op een dag in mei. Maar staal zet ook bij koude en warmte anders uit dan bij een constante temperatuur, en een plaat die 's ochtends vroeg wordt gelegd bij vorst en 's middags in de zon ligt, beweegt. Dat uitzetten is met ongeveer de helft van wat zink doet relatief beperkt, maar het is niet nul. Wie daar bij het bepalen van de lengte van een lange baan iets mee wil, leest daar meer over in ons stuk over uitzetting en de baanlengte. Voor de levensduur is het vooral van belang dat een verbinding of een rand niet strak vastligt op een manier die die beweging tegenhoudt, want dan ontstaat spanning op precies de plek waar de coating al het meest te verduren heeft: de rand.

Het gewicht van de plaat, ongeveer vijf kilo per vierkante meter, heeft op de levensduur zelf weinig invloed; dat is meer een gegeven voor de constructie en de aanvoer op de steiger dan voor hoe lang het materiaal meegaat. Waar het gewicht wel iets zegt, is over de dikte: 0,55 millimeter staal met een dubbele zinklaag is dun genoeg om goed te felsen, en dik genoeg om een fatsoenlijke reserve te hebben voordat een kras ooit door het staal heen zou gaan. Die reserve is er, maar ze is niet onbeperkt, en ze is zeker geen vrijbrief om onzorgvuldig met de rand om te gaan tijdens de verwerking.

Of een uitvoering met verstijvingsril of micro-lines invloed heeft op de levensduur, is een vraag die net iets vaker wordt gesteld dan hij verdient. Het antwoord is nee: die profilering zit in het vlak en heeft niets te maken met de bescherming van zink en coating. Wat die uitvoeringen wel doen voor het aanzien van een gevel of een dak, staat op zinklook.com, net als de vraag welke van de drie matte kleuren het best past bij een bepaald gebouw.

Voor wie nu op de bouw staat met een rol felsplaat en een knipmachine, is de praktische conclusie kort: de plaat zelf is overal hetzelfde, en blijft dat zolang niemand hem beschadigt. Elke snede, elke slijpbeweging en elk stukje vuil dat op de rand blijft liggen, is een plek waar de levensduur opnieuw begint te tellen, los van wat er op de rest van het dak gebeurt. Wilt u weten hoe u die randen op de juiste manier afwerkt of hoe u vuil en cementsluier het beste kunt voorkomen, dan vindt u dat terug bij onze pagina's over het bepalen van de baanlengte. Heeft u een tekening met een lastige hoek of een ongewone maat, stuur die dan gerust naar ons op: meedenken kost niets, en wij leveren desgewenst ook meteen een monster van elke kleur mee om op locatie te bekijken.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink