Klikzink
Onze felsbanen zijn aan de bovenzijde afgewerkt met een organische coating, GreenCoat Pural BT, in een matte kleur met een glansgraad onder de 5. Dat is de kant die gezien wordt en die het weer moet weerstaan. De achterzijde is anders: verzinkt staal, Sendzimir verzinkt met 275 gram zink per vierkante meter aan beide zijden, maar zonder de organische toplaag. Die achterzijde is geen afgewerkte kant, en dat is precies waar dit stuk over gaat.
Wat betekent dat voor vocht dat tegen de plaat aan staat. Zink beschermt het staal daaronder, dat is de functie van de verzinking, maar zink is niet onbeperkt bestand tegen vocht dat blijft staan of dat niet kan wegdrogen. Condens aan de achterzijde van de plaat is dus geen kwestie van esthetiek zoals aan de bovenzijde, waar een vingerafdruk of een waterdruppel opdroogt en verdwijnt. Aan de achterzijde gaat het om de vraag of het vocht weg kan, en dat wordt niet door de plaat bepaald maar door wat eronder ligt: de ventilatieruimte, de dampremmende laag, de opbouw van het dak of de gevel als geheel. Wij maken de plaat, wij leveren hem op maat, maar de opbouw waarin hij ligt is een ander vak. Hoe die opbouw condens aan de onderzijde voorkomt of afvoert, leggen wij uit op klikfels.com, waar de technische randvoorwaarden en de dakhelling aan de orde komen.
Waarom dit hier, op een site over de plaat zelf, toch meetelt, is omdat de conclusie iets zegt over hoe u met het materiaal moet omgaan voordat het verwerkt is. Een baan die op de bouw ligt te wachten, op pallets, in de regen, met de achterzijde tegen elkaar of tegen een onderlaag aan, kan al vocht vasthouden voordat hij ooit gelegd is. Dat is geen conditie waarvoor de coating iets doet, want die zit aan de andere kant. Zorg dus dat platen droog opgeslagen liggen en dat er lucht bij kan, ook als de bovenzijde nog beschermd is met de beschermfolie die wij standaard meeleveren, zoals uitgelegd bij het onderdeel over die folie. De folie beschermt tegen krassen en vervuiling aan de voorzijde tijdens transport en montage, niet tegen vocht dat van onderaf optrekt.
De banenindeling van het vlak is een rekenkundige kwestie, en die rekensom begint met de vraag waar u de eerste baan legt. Onze felsplaten hebben een werkende breedte van 475 millimeter. Een dakvlak of gevelvlak is zelden een exact veelvoud van die maat. Er blijft dus een reststrook over, en de vraag is niet of die er is, maar waar hij komt.
Legt u symmetrisch, dan verdeelt u het overschot over beide zijden van het vlak. Bij een gevel van bijvoorbeeld 5100 millimeter breed past dat elf keer 475 millimeter, plus 875 millimeter over. Symmetrisch ingedeeld krijgt u dan aan beide randen een strook van ruim 437 millimeter, nog een volwaardige baan, geen wegvallende reststrook. Bij een vlak van 5300 millimeter komt u op elf hele banen plus 1075 millimeter, wat symmetrisch verdeeld twee randstroken van iets meer dan 537 millimeter oplevert: nog steeds twee volle stroken.
Het wordt anders wanneer u tegen een zijde aan indeelt, bijvoorbeeld omdat er een schoorsteen, een dakraam of een aansluiting op een hoek een vast punt vormt waar de eerste baan tegenaan moet liggen, zoals wij bespreken bij de aansluiting op de nok. Dan schuift het hele overschot naar de andere kant, en daar kan een smalle reststrook overblijven, soms maar een paar centimeter breed. Een strook van 80 of 100 millimeter is lastig te verwerken, valt op in het vlak en is gevoelig voor vervorming bij het leggen, zoals wij toelichten bij dat onderwerp. Bij de bestelling is dat te voorkomen: reken de indeling vooraf door, en pas zo nodig de startbreedte iets aan zodat de laatste baan een werkbare maat overhoudt. Wij korten platen op de millimeter af tussen 450 en 8000 millimeter, en denken op tekening mee zonder dat daar kosten aan verbonden zijn. Stuur ons de maatvoering van het vlak en de plek van vaste aansluitpunten, en wij rekenen de indeling met u door voordat er iets gewalst wordt.
De breedte van die laatste baan werkt door in meer dan alleen het aanzien van het vlak. Een smalle reststrook heeft verhoudingsgewijs meer snijkant dan een volle baan, en elke snijkant die u zelf maakt op de bouw, met een schaar of een knabbelschaar zoals besproken bij zagen en knippen, moet ook weer afgewerkt worden om de verzinking te beschermen op de plek waar het staal bloot ligt. Hoe u die snijkant afwerkt, leggen wij uit op de bijbehorende pagina. Bij een volle baan van 475 millimeter komt die bewerking maar aan twee lange kanten voor, bij een reststrook van 80 millimeter verhoudingsgewijs vaker per vierkante meter oppervlak.
Ook voor het gewicht en de logistiek maakt de indeling verschil, al is dat verschil klein. Onze felsplaten wegen ongeveer 5 kilo per vierkante meter, en een baan van 8000 millimeter lang is dus fors om te tillen en te dragen, zoals wij beschrijven bij het tillen van lange platen. Een indeling met veel korte reststroken vraagt niet per se minder gewicht, maar wel meer handelingen: meer stuks om te verwerken, meer momenten waarop de plaat gedragen, gelegd en vastgeklemd moet worden. Bij een gevel met een herhalend raster, zoals een rijtje identieke woningen, telt dat op. Eén keer een verkeerde indelingskeuze op de eerste woning wordt dan een keuze die twaalf keer terugkomt.
Er is geen vast antwoord op de vraag of u symmetrisch moet indelen of tegen een zijde aan. Dat hangt af van wat er in het vlak staat: een schoorsteen die in het midden staat vraagt om een andere aanpak dan een vlak dat aan één kant tegen een dakkapel aanloopt. Wat wel vaststaat, is dat deze keuze wordt gemaakt bij de bestelling, niet op de steiger. Op de bouw is de plaat er, met de maat die besteld is, en een reststrook van 90 millimeter is dan een gegeven waarmee u moet werken, niet meer een keuze die u nog kunt maken.
Als u een vlak gaat bestellen, meet dan de volledige breedte op en noteer waar vaste aansluitpunten liggen: hoeken, doorvoeren, aansluitingen op een kilgoot of een nok. Stuur die maten naar ons op, samen met de voorkeur voor een symmetrische indeling of een indeling tegen een bepaalde zijde. Wij rekenen de banenindeling door, laten zien waar de reststrook terechtkomt, en korten de platen op de millimeter af zodat die reststrook op de bouw geen probleem wordt in plaats van een sluitpost. Vragen over de opbouw eronder, de ventilatie en de condens die daarin een rol speelt, beantwoorden wij niet hier maar op klikfels.com.