Klikzink
Een felsplaat ligt zomer en winter op het dak, en tussen die twee zit een temperatuurverschil dat het materiaal voelt. Staal zet daarbij op, net als vrijwel elk metaal, maar minder dan u misschien gewend bent van zink. Onze stalen felsbanen zetten ongeveer half zoveel uit als een zinken baan van dezelfde lengte. Dat is geen technisch detail voor de spreadsheet van de leverancier: het bepaalt mee hoe u de banen op de tekening indeelt en hoe u de plaat op de bouw verwerkt.
Om een gevoel te geven: bij een baan van acht meter loopt de lengte tussen een koude winterdag en een hete zomerdag op tot enkele millimeters. Bij zink zou dat verschil ongeveer twee keer zo groot zijn. Dat lijkt weinig, maar op een lange gevel of een dak met meerdere banen naast elkaar telt elke millimeter mee bij de aansluitingen, de overstekken en de ruimte die u vrijhoudt bij kopschotten en doorvoeren. Een baan die 's winters is gelegd, ligt 's zomers dus iets langer, en dat verschil moet ergens heen. Bij staal is die marge kleiner dan bij zink, wat betekent dat u er iets minder rekening mee hoeft te houden, maar hem niet zomaar mag negeren. Vooral bij lange banen, een strak aansluitende gevelbekleding of een detail waar de plaat vastloopt tegen een vast punt, is het prettig om vooraf te weten hoeveel speling u nodig heeft.
De uitzetting werkt in de lengte van de baan, maar het aantal banen dat u nodig heeft, wordt bepaald door de breedte. Onze felsbanen hebben een werkende breedte van 475 mm: dat is de breedte die na het felsen daadwerkelijk dekt. Om te weten hoeveel banen een vlak nodig heeft, deelt u de breedte van dat vlak door 475. Bij een gevel van 4750 mm komt daar precies tien banen uit, zonder rest. Bij een gevel van 5000 mm komt er 10,5 uit, en die 0,5 is de rest waarmee u iets moet doen: een extra, smallere baan toevoegen, of de bestaande banen een fractie breder maken dan de werkende 475 mm als de rand dat toelaat.
Die rest bepaalt niet alleen of er een extra baan bijkomt, maar ook waar die het beste past. Op een gevel die goed zichtbaar is vanaf de straat, zet u de smalle baan liever tegen een hoek, een kader of een ander vast element aan, waar het oog minder snel een verspringing in het ritme opmerkt. Bij een dakvlak speelt dat vaak minder, en is de kant met de minste aansluitingen op nokken of goten de logische plek voor de smalle baan. Hoe u het aantal banen exact uitrekent en de rest verdeelt, werken we verder uit bij het aantal banen berekenen; hier gaat het vooral om het besef dat die rekensom en de uitzetting in de lengte twee verschillende dingen zijn die u wel in één moeite door op de tekening moet afwegen.
Omdat wij op de millimeter afkorten van 450 tot 8000 mm, kunt u de lengte van elke baan al bij de bestelling laten kloppen met de exacte maat die op de tekening staat, inclusief een kleine marge voor uitzetting waar de detaillering dat vraagt. Dat is anders dan bij plaatmateriaal dat u zelf op de bouw moet inkorten: hoe dat wél werkt, staat bij het afkorten op de bouw, maar bij onze felsbanen is dat voor de meeste projecten niet nodig omdat de maat al vaststaat bij levering. Moet er toch iets vanaf, bijvoorbeeld bij een laatste-minuut wijziging op de bouw, dan leest u bij zagen en knippen en bij de snijkant afwerken hoe dat zonder de coating te beschadigen kan.
Bij de indeling van banen is het ook goed om te weten dat de plaat zelf ongeveer 5 kg per vierkante meter weegt, en koud vouwbaar is tot -15 graden. Dat betekent dat u ook bij winterse temperaturen door kunt werken en verdere afwijkingen door temperatuur klein blijven vergeleken met wat er bij zink kan optreden. Bij het invullen van de rest-baan aan de rand van een vlak is het prettig te weten dat u niet krap bij kou hoeft te werken: de plaat blijft hanteerbaar en de fels van 35 mm sluit ook bij lagere temperaturen goed aan.
De drie uitvoeringen van het vlak, of dat vlak is, met een verstijvingsril of met micro-lines, veranderen niets aan de rekensom voor het aantal banen: de werkende breedte van 475 mm blijft voor alle drie gelijk. Wel kan de keuze voor een van die uitvoeringen invloed hebben op hoe zichtbaar een kleine breedteafwijking bij de rest-baan is, en dat weegt mee in de esthetische afweging waar u die baan het beste plaatst. Over hoe het vlak eruitziet en welke uitvoering het beste bij een gebouw past, leest u meer op zinklook.com; hier gaat het puur om de maat.
Omdat wij op maat leveren en op tekening meedenken, hoeft u de uitzetting niet zelf in een formule om te rekenen naar extra millimeters bestelmaat. Stuur ons de tekening met de gewenste indeling, en wij kijken mee naar de baanverdeling, de plaatsing van de rest-baan en de lengtes die daarbij passen. Dat meedenken kost niets, en voor drie kleuren kunnen wij u ook een monster meegeven zodat u vooraf weet hoe de plaat in het echt aandoet, ook al is dat strikt genomen een vraag voor zinklook.com in plaats van voor deze pagina.
De uitzetting zelf heeft geen invloed op hoe u de plaat tilt, draagt of monteert; dat leest u terug bij het tillen en dragen van de plaat en bij vervorming bij het leggen. Ook de bevestiging met klemmen onder de fels, die geen zichtbare schroeven achterlaat en het staal juist de ruimte geeft om vrij te bewegen bij temperatuurwisselingen, is een onderwerp voor klikzink.com. Voor de vraag vanaf welke dakhelling de plaat toepasbaar is en hoe de opbouw eronder condens tegenhoudt, verwijzen we naar klikfels.com; en wilt u zonnepanelen op een felsdak plaatsen, dan vindt u de aandachtspunten daarvoor op solarfels.com.
Weet u de breedte van het vlak dat u wilt bekleden, dan kunt u die alvast delen door 475 om een eerste indruk te krijgen van het aantal banen en de rest die overblijft. Stuur die maat samen met de gewenste lengtes naar ons op, eventueel met een schets van waar de rest-baan het beste past, en wij rekenen het verder voor u door, kijken mee naar de uitzetting bij lange banen en leveren de platen op de millimeter afgekort en klaar om te verwerken.