Klikzink
Een felsplaat bestellen begint met een keuze die niets met de maat te doen heeft, maar wel invloed heeft op wat er straks op het dak of de gevel te zien is: welke uitvoering van het vlak. Wij leveren de plaat vlak, met een verstijvingsril, of met micro-lines. Die keuze staat los van de breedteberekening die u toch moet maken, maar het is handig om ze in één moeite door te doen, want de uitvoering van het vlak verandert niets aan de werkende breedte van 475 mm waarmee u rekent.
Een vlakke plaat is de meest sobere uitvoering: een egaal oppervlak zonder enige reliëf, van fels tot fels. Op een kleine gevel of een luifel valt dat verschil in stijfheid nauwelijks op, maar op een groot aaneengesloten dakvlak of een hoge gevelpartij kan een volledig vlakke plaat bij bepaald invallend licht een lichte golving laten zien. Dat is geen gebrek aan de plaat, maar een eigenschap van dun plaatmateriaal dat over een breedte van 475 mm wordt gespannen: er is simpelweg weinig weerstand in het vlak zelf.
De verstijvingsril geeft dat vlak een middelste lijn die eenmaal in het midden van de baan is aangebracht. Die ril verhoogt de stijfheid van de baan merkbaar, zonder dat het beeld drastisch verandert: van een afstand ziet u een rustig vlak met één subtiele lijn per baan. Voor een dakvlak van, zeg, tien banen naast elkaar betekent dat tien herhalende lijnen op gelijke afstand, wat het vlak juist ordent in plaats van verstoort.
De uitvoering met micro-lines gaat een stap verder: hier lopen meerdere fijne lijnen over de volledige breedte van de baan, dicht op elkaar. Dat geeft niet alleen extra stijfheid, maar ook een ander soort oppervlak: minder een strak modern vlak, meer een licht gestructureerd beeld dat oneffenheden in de ondergrond camoufleert. Op een lang gevelvlak waar u toch al meerdere banen naast elkaar zet, valt een enkele lichte deining in de plaat veel minder op tussen de micro-lines dan op een volledig vlakke plaat.
Wat de uitvoering van het vlak niet doet, is de werkende breedte veranderen. Of u nu kiest voor vlak, ril of micro-lines: u rekent altijd met 475 mm werkende breedte per baan, zoals wij uitleggen bij [werkende breedte en het aantal felsbanen berekenen](/felsplaat/aantal-banen-berekenen/werkende-breedte). De verstijvingsril of de micro-lines liggen binnen die 475 mm, ze koppen er niets af en voegen er niets aan toe. Dat is prettig, want het betekent dat u de keuze voor een uitvoering apart kunt maken van de keuze voor het aantal banen: eerst de breedte van het dakvlak of de gevel delen door 475, en dan pas kijken welke uitvoering het beste past bij de grootte en het aanzien van dat vlak.
Die rekensom levert in de praktijk zelden een rond getal op. Een gevel van 3000 mm breed gedeeld door 475 geeft 6,3 banen: zes volle banen van 475 mm en een rest van 150 mm die als smallere baan moet worden toegevoegd. Bij een groot, aaneengesloten vlak is dat een moment om goed te kijken naar de uitvoering die u kiest. Een vlakke plaat toont een smallere restbaan vrij nadrukkelijk, omdat er niets is dat het oog afleidt van het verschil in breedte. Bij de uitvoering met verstijvingsril valt die smallere baan al iets minder op, omdat de ril op regelmatige afstand een ander soort houvast voor het oog geeft dan de felsen alleen. Bij micro-lines valt een smallere restbaan het minst op, juist omdat het vlak al uit een reeks fijne lijnen bestaat en één baan die iets smaller is daar minder tussenuit springt.
Omgekeerd geldt: hoe groter het vlak, hoe meer banen naast elkaar, en hoe meer een herhalend patroon als de verstijvingsril of de micro-lines gaat meespelen in het totaalbeeld. Op een schuur van drie banen breed ziet u vooral de plaat; op een loods van dertig banen breed ziet u vooral het patroon dat die banen samen vormen. Dat is een overweging die nadrukkelijk over het beeld gaat, en het uiterlijk van een felsdak of -gevel, inclusief hoe kleur en glans daarin meespelen, staat uitgewerkt op zinklook.com.
Voor de bestelling zelf blijft het rekenwerk hetzelfde, ongeacht de uitvoering. U meet de breedte van het vlak, deelt die door 475, en kijkt naar de rest. Is die rest klein, dan zet u de smalste baan het beste op een plek waar hij het minst opvalt of waar hij toch al wegvalt tegen een hoekafwerking. Is die rest groot genoeg om als volwaardige baan te functioneren, dan verdeelt u de resterende breedte liever gelijk over twee iets smallere banen dan over één volle en één erg smalle baan. Dat is een afweging die u los van de uitvoering van het vlak kunt maken, en die precies zo werkt bij een vlakke plaat als bij een plaat met ril of met micro-lines.
Omdat de drie uitvoeringen in maatvoering en levering identiek zijn, kunt u ze ook naast elkaar bestellen als een gebouw daar om vraagt: bijvoorbeeld micro-lines op het grote hoofdvlak van een dak, en een vlakke uitvoering op een klein aangrenzend gedeelte waar de lengte te kort is om het patroon goed te laten werken. Onze walsmachines maken elke baan op maat, tot op de millimeter afgekort tussen 450 en 8000 mm, dus een combinatie van uitvoeringen binnen één levering is geen enkel probleem.
Meet de breedte van het dakvlak of de gevel, deel die door 475 om het aantal banen en de rest te bepalen, en kies daarna de uitvoering die bij de grootte van dat vlak past: vlak voor een klein of ondergeschikt vlak, ril voor een middelgroot vlak dat wat extra stijfheid en structuur kan gebruiken, micro-lines voor een groot vlak waar een smallere restbaan zo min mogelijk mag opvallen. Twijfelt u over de indeling op een lastige plattegrond, dan denken wij op tekening mee zonder dat dit iets kost, en kunt u monsters van alle drie de uitvoeringen opvragen om ze naast elkaar te bekijken voordat u bestelt.