Klikzink

Wat een opdrachtgever vraagt over brandgedrag felsplaat

Een opdrachtgever die geen dakdekker is, stelt zelden de vraag die op papier staat. Hij vraagt niet naar een brandklasse of een testnorm, hij vraagt eigenlijk: kan dit dak in brand vliegen. Dat is een andere vraag dan die van een aannemer, en hij vraagt hem op een ander moment: niet bij de bestelling, maar bij de oplevering, of soms pas als de buurman iets leest over een brand ergens anders. Wij krijgen die vraag vaak van projectontwikkelaars, VvE-besturen en gemeenten, en het antwoord dat zij nodig hebben is korter dan het antwoord dat een dakdekker nodig heeft.

Het materiaal waar het om gaat is staal met een dunne organische laag erop. Onze felsbanen zijn van Sendzimir verzinkt staal, 275 gram zink per vierkante meter aan beide zijden, met daarover een coating van 50 micrometer. Die laag is dun: minder dan de dikte van een velletje papier. Staal zelf brandt niet. Het smelt pas bij een temperatuur die bij een gewone brand niet wordt gehaald, en het draagt geen brand door zoals hout of bitumen dat kan doen. De coating erboven is een andere zaak, en dat is precies waar de vraag van een opdrachtgever meestal op landt zonder dat hij het zo formuleert.

Wat de opdrachtgever echt bedoelt met zijn vraag

Als een opdrachtgever vraagt of de plaat brandveilig is, bedoelt hij bijna altijd een van deze twee dingen. Ofwel: kan het dak zelf de oorzaak van een brand worden. Ofwel: als er ergens anders brand is, hoe erg draagt dit dak daaraan bij. Dat zijn twee verschillende vragen met twee verschillende antwoorden, en wij zien dat aannemers ze soms door elkaar beantwoorden, waardoor de opdrachtgever niet gerustgesteld raakt maar juist onrustiger wordt.

Op de eerste vraag is het antwoord simpel: een felsdak wordt niet vanzelf de bron van een brand. Er zit geen ontstekingsbron in het materiaal zelf. Op de tweede vraag ligt het genuanceerder, en daar hoort de coating bij. Die 50 micrometer organisch materiaal draagt in principe wel bij aan een brandbelasting, alleen is die belasting zo klein ten opzichte van de rest van een dakopbouw dat hij in de praktijk niet de factor is die het verschil maakt. Wat wél het verschil maakt, is de opbouw onder de plaat: de isolatie, de dampremmende laag, het soort dakbeschot. Dat is precies het domein van [de technische randvoorwaarden voor felsplaat](https://klikfels.com), en dat is waar wij een opdrachtgever ook naar doorverwijzen zodra het gesprek niet meer over de plaat zelf gaat maar over het dak als geheel.

Een voorbeeld uit de praktijk: een schoolgebouw

Bij een schoolgebouw dat wij een paar jaar geleden leverden, kwam de brandvraag niet van de aannemer maar van de gemeente, ruim na de bestelling, toen de bouw al liep. Er was een storing geweest bij een vergelijkbaar gebouw elders, met een dak van een ander materiaal, en de gemeente wilde weten of hetzelfde hier kon gebeuren. De aannemer had geen pasklaar antwoord en schakelde ons in.

Het gesprek ging al snel niet meer over de felsplaat als zodanig, maar over de vraag wat er onder de plaat lag en hoe die twee lagen samen presteerden. Dat is logisch: een enkele plaat staal met een dunne coating erop is in een test nooit het onderdeel dat een dakopbouw laat zakken of slagen. De opbouw als geheel wordt getest en beoordeeld, niet de losse onderdelen apart. Wij konden de gemeente vertellen wat het materiaal zelf is en wat er niet in zit, maar de uitspraak over het hele dak moest via de constructeur komen die de opbouw had ontworpen. Dat voorkwam een welles-nietes tussen aannemer en gemeente, en de school kon gewoon doorbouwen.

Wat wij wél en niet met zekerheid kunnen zeggen

Wij kunnen met zekerheid zeggen wat er in het materiaal zit: verzinkt staal, een coating van bepaalde dikte, geen toevoegingen die het brandgedrag onvoorspelbaar maken. Wij kunnen niet met zekerheid zeggen hoe een compleet dak presteert bij brand, want dat hangt af van de laag isolatie erachter, van de manier waarop de platen zijn bevestigd, en van wat er onder het dak in de ruimte staat. Een aannemer die dat verwart, doet zijn opdrachtgever geen plezier: hij belooft iets over de plaat wat alleen over de opbouw gezegd kan worden.

Daarom raden wij aan om het gesprek in twee stappen te voeren. Eerst het materiaal: wat is het, brandt het zelf, wat zit erop. Dat kunnen wij beantwoorden en dat leggen wij hier uit. Daarna de opbouw: hoe gedraagt het geheel zich, en welke eisen gelden voor dit specifieke gebouw. Dat tweede gesprek hoort bij de constructeur of bij de partij die de dakopbouw ontwerpt, en de vragen daarover beantwoorden wij niet zelf, maar wij verwijzen er wel naar zoals wij uitleggen bij [de technische randvoorwaarden voor felsplaat](https://klikfels.com).

Waarom dit anders ligt bij gevel dan bij dak

Bij een gevel stelt een opdrachtgever de vraag vaak net iets anders, en dat komt doordat een gevel zichtbaar is vanaf de straat en een dak niet. Bij een gevelbekleding met felsplaat vraagt een opdrachtgever regelmatig of het materiaal bijdraagt aan brandoverslag tussen verdiepingen, vooral bij hogere gebouwen. Dat is een reëel punt, en het antwoord ligt weer bij het geheel: de felsplaat zelf, de eventuele isolatie erachter, en de manier waarop de gevel is opgebouwd rond raampartijen. Onze platen zijn vanaf zes graden dakhelling toepasbaar op zowel dak als gevel, en het materiaal verandert niet van eigenschap tussen die twee toepassingen. Wat wel verandert, is de vraag die erbij gesteld wordt, en dus ook wie die vraag het beste kan beantwoorden.

Wij merken dat een aannemer die dit onderscheid vooraf kan uitleggen, minder discussie krijgt op de bouw. Een opdrachtgever die begrijpt dat de plaat zelf niet brandt maar dat de opbouw bepaalt hoe het dak of de gevel als geheel presteert, stelt daarna gerichtere vragen, en die zijn makkelijker te beantwoorden dan de losse vraag "is dit brandveilig".

Wat wij aanleveren als een opdrachtgever om onderbouwing vraagt

Als een opdrachtgever schriftelijke onderbouwing wil, leveren wij de materiaalgegevens van de plaat: het soort staal, de zinklaag, de coating en de dikte daarvan. Dat is de basis waarmee een constructeur of adviseur verder kan rekenen aan het geheel. Wij leveren zelf geen classificatie voor de complete dakopbouw, omdat die classificatie afhangt van onderdelen die wij niet leveren en niet ontwerpen.

Heeft u binnenkort een gesprek met een opdrachtgever over dit onderwerp, dan kunt u het beste vooraf de opbouw van het dak of de gevel op tafel leggen, zodat direct duidelijk is welk deel van de vraag bij het materiaal hoort en welk deel bij de constructie. Wilt u weten welke maat en welke uitvoering voor uw project passen, dan denken wij daar kosteloos in mee op tekening, en kunt u ons rechtstreeks bereiken via Boylestraat 22 in Ede.

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink