Klikzink

De zinklaag en de banenindeling van het vlak

Onze felsplaat is Sendzimir verzinkt: 275 gram zink per vierkante meter, aan beide zijden van de plaat. Dat getal, en niet een laagdikte in micrometers, is de gangbare maat in de staalindustrie. Zink wordt namelijk niet als een gelijkmatig laagje aangebracht zoals een verflaag, maar via een doorloopproces waarbij de stalen band door een zinkbad gaat. De hoeveelheid die aan het staal blijft hangen, wordt gewogen per oppervlakte, en dat is precies wat 275 g/m2 zegt. Omgerekend komt dat neer op een laag van enkele tientallen micrometers per zijde, maar in de praktijk werkt iedereen met het gewicht, omdat dat is wat er in de norm en op de begeleidende papieren staat.

Die zinklaag heeft één eigenschap die direct met uw bestelling te maken heeft: ze beschermt het staal ook nog een stukje voorbij de plek waar hij is doorgesneden. Zink offert zichzelf op bij corrosie, wat betekent dat het de onderliggende staalkern aan een snijkant nog enige tijd meebeschermt, zelfs als daar geen zink meer zichtbaar is. Dat is een prettige eigenschap, maar geen vrijbrief: hoe een snijkant er verder bij ligt en of hij nog moet worden afgewerkt, leggen we uit bij [de snijkant afwerken](/felsplaat/banenindeling/snijkant-afwerken). Hier gaat het om iets anders, namelijk om de vraag hoeveel snijkanten er op uw dak of gevel komen, en waar.

Waarom de indeling voorafgaat aan de bestelling

Elke felsbaan heeft een werkende breedte van 475 mm. Op een vlak van bijvoorbeeld 4,80 meter breed gaat dat tien keer, met dertig centimeter over. Die dertig centimeter moet ergens landen, en dat is een keuze die u vooraf maakt, niet iets dat vanzelf goed komt als de banen eenmaal liggen. Begint u de eerste baan tegen de linker gevelrand, dan valt de smalle reststrook automatisch rechts. Verdeelt u het restant over twee zijden, dan ontstaan er twee smallere stroken in plaats van één, en die zijn vaak lastiger om netjes af te werken dan één volle baan aan de rand.

Een symmetrische indeling, waarbij u vanuit het midden van het vlak naar buiten toe verdeelt, geeft twee gelijke reststroken links en rechts. Dat ziet er rustig uit op een breed vlak dat goed zichtbaar is, zoals een voordakvlak aan de straatzijde. Bij een lang, smal bijgebouw of een gevel waar toch al een hoekprofiel of een kraal het zicht onderbreekt, is een indeling tegen één zijde vaak praktischer: u heeft dan maar één reststrook om aan te passen in plaats van twee. Geen van beide is standaard fout, maar de keuze bepaalt wel hoeveel platen u van welke breedte bestelt en of er op de bouw nog een baan moet worden afgekort. Hoe u dat afkorten zelf uitvoert, staat bij [de plaat afkorten op de bouw](/felsplaat/banenindeling/afkorten-op-de-bouw); het punt hier is dat u die reststrook al bij de bestelling voorziet, niet als verrassing achteraf.

Wat de zinklaag betekent bij een reststrook

Een smalle reststrook heeft, net als elke andere baan, twee gezaagde of geknipte langskanten. Bij een volle baan van 475 mm werkende breedte zijn die kanten grotendeels verborgen onder de opstaande fels van de buurbaan. Bij een reststrook van bijvoorbeeld 120 mm ligt er relatief meer gezaagde kant per vierkante meter plaat, en dus relatief meer plek waar de zinklaag is doorgesneden. Dat is op zichzelf geen probleem: de zinklaag aan beide zijden van de plaat blijft intact tot op een fractie van een millimeter van die kant, en het zink dat daar wel is verdwenen, wordt zoals gezegd een tijd meebeschermd door het zink ernaast.

Het punt waar u wél op moet letten, is dat een smalle strook naar verhouding meer kanten heeft die netjes moeten aansluiten op de aangrenzende fels of op een aansluitdetail. Op een plek waar toch al weinig ruimte is, zoals bij een dakrand of bij de overgang naar een schoorsteen, is een reststrook van een paar centimeter breed lastiger te felsen dan een strook van bijvoorbeeld 15 tot 20 centimeter. Wij raden daarom aan om bij de indeling niet alleen naar het totale aantal banen te kijken, maar ook naar de breedte die aan het eind overblijft, en die zo nodig iets te vergroten door één baan minder te plannen en de rest gelijkmatig te verdelen. Zo voorkomt u dat er op de bouw een reststrook van 4 centimeter moet worden gezaagd, gekant en aangesloten, wat met een föhn en een zetklem net zo goed kan als met een brede baan, maar wel meer precisie vraagt van wie het werk doet.

Waar dat op de bouw samenkomt

Op de bouwplaats komt de banenindeling die u vooraf heeft gemaakt, samen met het werk van de dakdekker die de platen tilt, zaagt en op zijn plek legt. Een dakdekker die net een reststrook van 90 mm heeft afgekort, moet die daarna nog dragen en positioneren zonder de plaat te laten doorbuigen; hoe u dat het beste doet, staat bij [de plaat tillen en dragen](/felsplaat/banenindeling/tillen). Bij een volle baan van 475 mm is dat een vertrouwde routine; bij een smalle strook is de plaat stijver over de breedte maar lastiger vast te pakken, en juist daar wilt u niet ook nog een discussie krijgen over waarom die strook er überhaupt zo smal ligt. Een heldere indeling vooraf, op tekening, bespaart dat gesprek.

Op de begeleidende papieren bij levering staat de zinklaag van 275 g/m2 vermeld als onderdeel van de materiaalspecificatie, samen met de plaatdikte van 0,55 mm en de coating. Dat is de garantie dat elke baan, van de volle 475 mm tot de smalste reststrook, uit hetzelfde basismateriaal komt. Het zegt niets over hoe die banen het beste over uw vlak worden verdeeld: dat is een keuze die per gebouw verschilt en die wij het liefst vooraf met u doornemen. Stuur ons een tekening van het vlak met de maten, en wij denken gratis mee over de indeling, inclusief waar de reststrook het beste terechtkomt en hoeveel platen van welke lengte u daarvoor nodig heeft.

Wat u nu kunt doen

Meet het vlak op en bepaal of een symmetrische indeling of een indeling tegen één zijde het beste past bij hoe het vlak wordt gezien en aangesloten. Stuur die maten naar Klikzink, Boylestraat 22 in Ede, en wij rekenen de banenindeling voor u uit, op de millimeter afgekort en zonder kosten voor het meedenken. Wilt u eerst een indruk van hoe de platen aanvoelen en liggen, dan kunt u een monster aanvragen in elk van de drie beschikbare kleuren.

Terug naar het overzicht

KKlikzink
Pagina'sHomeKleur / CoatingProjectenDetailsTechnisch adviesBlog
Contact
Adres
© Klikzink